Grenswerk is aandacht voor buiten èn binnen

Een participatie-aanpak betekent extern een netwerk bouwen, zegt Mirjam Fokkema van Platform31. Maar een belangrijke les is dat je ook intern een netwerk hebt dat aandacht vergt. Leg relaties met zowel de omgeving als de collega’s in jouw organisatie.

Hieronder een link naar artikel over het werk van Mirjam Fokkema uit 2021 op de website van PAW.

> Naar het volledige artikel

 

In het kort

Mirjam Fokkema organiseert werkplaatsen rond wijkgericht werken. Daarin wordt veel geleerd over het intern goed organiseren van externe participatie. Met wijkambtenaren en ambtenaren uit het sociaal en fysiek domein wordt verkend hoe het wijkgericht werken intern is georganiseerd. En daar blijkt dat de vraag hoe die externe samenwerking ook intern vorm krijgt, niet vanzelfsprekend op de agenda staat. In de werkplaatsen ging het over vragen als: hoe sluit je participatie-aanpak aan op het wijkgericht werken, hoe verhoudt het zich tot interne afdelingen en hoe zijn die gepositioneerd?

Meerdere organisatiemodellen

We vragen de ambtenaren in de werkplaatsen ook om hun gemeentelijke organigram te schetsen. En dan kijken we in welk model dat past. Mirjam onderscheidt drie organisatiemodellen, te weten het sectoren- en het directiemodel die top-down gericht zijn, en het gekantelde model met beleidsoverstijgende afdelingen die zijn ingericht naar de logica van de burger. Vaak is dat een platte organisatie met korte lijnen. Bij deze variant is de indeling naar beleidsterreinen volledig losgelaten en ook de sectorhoofdenlaag geschrapt. Schiedam werkt met dit model.

Grosso modo blijkt dat wanneer wijk- of gebiedsgericht werken binnen een sector gepositioneerd is – zoals vaak het geval is bij een sectoren- of directiemodel – je als ambtenaar meer moeite moet doen om ook de andere domeinen mee te krijgen. Bij een gekanteld model is het gebiedsgericht werken vaak onderdeel van algemene dienst waardoor er logischere verbinding is tussen alle domeinen of sectoren. En in het gekantelde model is er ook vaak een sterk gebiedsgericht team met redelijk zicht op de verschillende participatietrajecten in de buurt. Dat helpt enorm.

Altijd wel een oliemannetje of grenswerker

Maar ook in het sectoren- of directiemodel is vaak een oliemannetje of -vrouwtje te vinden die redelijk op de hoogte is van de ‘externe’ trajecten, zegt Mirjam. Je ontkomt niet aan het grenswerken, hoe je organisatie ook is ingericht.